De greatest hits van Kommill Foo doorstaan de tand des tijds

De greatest hits van Kommill Foo doorstaan de tand des tijds
https://images.nrc.nl/dSNfFcibnUTLpqYW5WMFQxvF5T0=/1200×627/smart/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/bvhw/files/2019/04/data43560739-ae6487.jpg

Raf en Mich Walschaerts vallen met de deur in huis. De Gentse gebroeders openen hun nieuwe programma met een feestelijke mededeling: „Kommil Foo bestaat dertig jaar!” Ze feliciteren elkaar, trekken de kurk van de fles en hup, daar spat de confetti los. Waarmee meteen duidelijk is dat ze alle reden hebben voor een voorstelling met greatest hits – liedjes en sketches die de tand des tijds glorieus hebben doorstaan. En daarop slaat ook de titel van dit programma: Oogst.

Kommil Foo combineert die liedjes – soms fluisterzacht en teer, soms ruig en raar – met cartooneske scènetjes die altijd onvoorspelbaar zijn. Zoals hun feitelijk voorgedragen relaas over een wereld waarin alles zich achterstevoren voltrekt. Met hoogst lachwekkende gevolgen voor een klant in een restaurant, een toiletbezoeker en de geboorte van een baby. Of de prins en prinses die hun teksten playbacken: de één wendt het hoofd af zodat het publiek niet ziet dat hij spreekt, terwijl de ander mondbewegingen maakt als in een onbeholpen nagesynchroniseerde tekenfilm. Waarbij de prins het laatste woord heeft: „Als de prinses van mijn leven niet meer de prinses van mijn dromen is, is de prinses van mijn dromen dan nog wel de prinses van mijn leven?”

Voorts kan Mich Walschaerts een café-flirt suggereren door louter een paar heren- en een paar damesschoenen heen weer te schuiven. En zijn broer Raf speelt dat hij zichzelf een nobel mens vindt omdat hij zijn buitenechtelijke misstap niet aan zijn vrouw heeft opgebiecht – voor háár bestwil. Zelden werd hypocrisie zo subliem verbeeld.

Een fragment uit de show ‘Oogst’.

Tussen de bedrijven door zingen ze de mooiste liedjes uit hun dertigjarig bestaan, met eigen begeleiding op gitaar, piano, viool, blokfuit en lepels. En het gaat allemaal wonderwel samen.

Source link