De roeiers van Triton zijn niet langer de eeuwige verliezers

De roeiers van Triton zijn niet langer de eeuwige verliezers
https://images.nrc.nl/pWOcyMrDFgDUs8fyW2Ha47Fx4-0=/1200×627/smart/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data43419082-8c5ea4.jpg

Al jaren wacht op een zondag in april een aantal mensen in Utrecht op een telefoontje. De koetsier, die bij het Spoorwegmuseum klaar moet staan voor een zegetocht. De beiaardier van de Dom, die het verenigingslied op het carillon moet spelen. De vrijwilligers op het Janskerkhof, die de dixi’s op het plein moeten zetten voor vierduizend feestende mensen.

Al jaren is dat telefoontje hetzelfde: sorry, het hoeft niet. Inmiddels worden er grappen gemaakt. Als iemand van Triton nu naar de afdeling vergunningen van de gemeente belt, klinkt het: „O, voor dat feestje dat nooit doorgaat.”

De laatste keer dat Triton de Varsity won, hadden The Beatles een hit met Penny Lane. Mei 1967, de zwart-witbeelden staan nog online. Rouwé, Hartsuiker, Dronkert en Brummelman. ‘Nathalzige Tritonezen sprongen maar vast in het water om de Oude Vier deugdelijk van hun jubelstemming te laten blijken.’ De Oude Vier, het koningsnummer. De Varsity winnen, is winnen met de Oude Vier.

Het is de vrijdagmiddag voor de nieuwe poging, vlak voor de één-na-laatste training. „Vóór alles het hoofdnummer”, luidt het motto van de in 1880 opgerichte vereniging. Het hangt boven de haard in het clubhuis, dat wat weg heeft van een bruine kroeg. „Dat gaat ook over de Varsity”, zegt voorzitter Paul Beele (22) – jasje-dasje. „We richten hier veel binnen de vereniging op in.”

Dit jaar moet het écht gebeuren. Kán het echt gebeuren. Maandag was de rituele bootverbranding. Om de goden gunstig te stemmen. Een oude houten boot van erelid Willem Westermann. „Geen mooiere dood dan de haard”, zei hij volgens Beele. „Het leek hem mooi dat zijn boot het vuur in mocht in het jaar dat we misschien zouden winnen.”

Triton heeft een ijzersterke bezetting, met eeuwige studenten en toproeiers Kaj Hendriks (31, brons met de Holland Acht in Rio) en Harold Langen (32, vijfde met de vier-zonder in Rio) naast jongere talenten Jacob van de Kerkhof (23) en ‘import-Tsjech’ Jakub Grabmüller (22). Maar de bezetting is al jaren sterk. Grote verschil: eeuwige concurrent Nereus kan geen sterke Oude Vier aan de start brengen in dit pre-olympische jaar. Skøll, ook uit Amsterdam, is nu de voornaamste tegenstander.

De roeiers van Triton, winnaar van de Varsity.
Foto Merijn Soeters

Vlak voor de training zit Langen nog rustig achter een laptop te werken. Hij zou zo al zijn World Cup-medailles inruilen voor winst in de Varsity. Zo groot is het voor hem. „Dat verschilt trouwens per roeier. Het ligt ook aan de vereniging waar je voor roeit. Als een vereniging toch nooit kans maakt, dan speelt het al minder.”

Training

Op het Merwedekanaal glijdt professor Nicolaas Bloembergen, vernoemd naar de oud-Nobelprijswinnaar, langs de woonboten. Op het fietspad ernaast houdt oud-lid Arjen Heere (54) – blauwe Triton-trui boven een overhemd – de vier roeiers en hun stuurvrouw Fiep Warmerdam in de gaten. „Ziet er strak uit, rustig.” Hij is een echte Rotterdammer, fan van Sparta. Maar toen die club degradeerde, vond hij dat minder erg dan toen Triton vorig jaar weer niet de Varsity won. Daar moest hij om huilen. „We willen het zó graag.”

Hij zat zelf in de Oude Vier in 1990. Dat waren de jaren van Leiden, zegt Heere. Zijn roeivrienden plagen hem nog steeds met het feit dat hij de Varsity nooit won. Heere is nog actief betrokken bij Triton. Vorig jaar heeft hij met andere oud-leden nog nieuwe riemen betaald. „En er vandaag bij zijn, is toch om te laten zien: hee jongens, we staan achter jullie.”

Bij een sluis wordt geëvalueerd. Het oogt nog wat „hard”, is het oordeel van de drie coaches Thijs Hingstman, Coen Eggenkamp en Niels van der Zwan. „Je moet je voorstellen: je hebt snel en direct, dat is goed, maar niet hard”, zegt Van der Zwan, die deel uitmaakte van de gouden Holland Acht in Atlanta in 1996. „Zelfde met Dafne Schippers. Die gaat ook sneller als ze zich kan ontspannen.”

Er wordt twee keer op wedstrijdsnelheid 500 meter geoefend tussen twee bruggen. 1.36. Daarna 1.35,5. „Met wind tegen. Dat is prima”, zegt Van der Zwan.

In het clubhuis wordt na twee uur op het water nagepraat. Nadat hij snel gedoucht heeft, vertelt Kaj Hendriks dat hij ooit tegen een sportjournalist had gezegd dat hij niet zou stoppen voordat hij de Varsity had gewonnen. „En tot nu toe houd ik me daar nog aan.” Een deel van die wens zit hem in frustratie. „We hebben al jaren kwaliteit om als individuen internationaal medailles te halen, maar het is niet mogelijk geweest een wedstrijd in Nederland naar je hand te zetten. Maar tegelijkertijd is het de kans iets terug te doen voor de club die mij heeft opgeleid, namelijk dat grote feest.”

De Varsity

„Uuuuu”, klinkt het aan de rand van het Amsterdam-Rijnkanaal bij Houten, alsof de batterij van een brandmelder bijna leeg is. Het is al na vijven en de Oude Vieren hadden al onderweg moeten zijn, maar er is geen startlijn, dus moet uit de losse pols gestart worden. „Uuuu. Van Utrecht, voor Triton. 52 jaar, 52!”, zeggen tieners en begin-twintigers al de hele middag tegen elkaar, op het gras dat verandert in een tapijt van vertrapt plastic, voor de eettentjes, bij de plaskruizen.

Drie kilometer in een klotsbak, zoals roeiers zeggen: bedoeld voor schepen, niet voor roeiboten. Als ze dan eindelijk weg mogen, is de start van Triton matig. Maar na duizend meter duwt de boot die van Skøll voorbij. De voorsprong wordt groter, slinkt weer. Wordt weer groter en slinkt dan bijna zo veel dat de paniek toeslaat: het zou toch niet weer?

Nee, ditmaal niet. Triton wint en het bier vliegt de lucht in. Tientallen mensen kunnen het water in en zwemmen naar de winnende boot. Ook Arjen Heere, die al tijdens de race huilend op zijn fiets op de dijk zat. Overhemd los, buik eronder vandaan. „Het is gewoon klaar!”, zegt hij.

Op het botenterrein ontvangt Kaj Hendriks in tranen de felicitaties van ‘1967’er’ Herman Rouwé. Het was geen beste race verder, maar wat zal het ook? In de perstent komt de voorzitter met nat hoofd aanrennen en pakt zijn telefoon. „Met Jaap Beele van Triton. We hebben de Varsity gewonnen. Het gaat door.”

Source link