Europa, hou vast aan ‘twee staten-visie’ voor Israël en Palestijnen

Europa, hou vast aan ‘twee staten-visie’ voor Israël en Palestijnen
https://images.nrc.nl/wWW1x10vPThy4zkN4wYIRWfbdQ8=/1200×627/smart/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/bvhw/files/2019/04/data43709237-ab3372.jpg

Dit is een oproep aan Europa om vast te houden aan zijn grondbeginselen voor vrede in Israël-Palestina. De Europese Unie hecht sterk aan de multilaterale, op regels gebaseerde internationale orde. Dankzij het internationaal recht beleven wij de langste periode van vrede, welvaart en stabiliteit die ons continent ooit heeft gekend. Al tientallen jaren proberen wij onze Israëlische en Palestijnse buren hetzelfde vredesdividend te laten genieten.

Met eerdere Amerikaanse regeringen heeft Europa steeds gestreefd naar een rechtvaardige oplossing van het Israëlisch-Palestijnse conflict binnen het raamwerk van een tweestatenoplossing. Tot dusver zijn de Oslo-akkkoorden, ondanks latere terugslagen, nog altijd een mijlpaal in de trans-Atlantische samenwerking.

Aanspraken op Jeruzalem

Helaas is de huidige Amerikaanse regering op dit beleid teruggekomen en heeft zich gedistantieerd van de gevestigde internationale rechtsnormen. Ze erkent de aanspraken op Jeruzalem tot nu toe maar van één kant en toont een verontrustende onverschilligheid voor de uitbreiding van de Israëlische nederzettingen. De Verenigde Staten hebben de financiering opgeschort van het VN-agentschap voor de Palestijnse vluchtelingen (UNRWA) en van andere programma’s ten behoeve van de Palestijnen. Daarmee zetten ze de veiligheid en stabiliteit op het spel van verschillende landen die bij Europa om de hoek liggen.


Lees ook: Trump speelt met vuur met anti-Palestijns beleid

De regering-Trump verleent dus helaas geen duidelijke steun aan de ‘twee staten-visie’, maar verklaart daarentegen wel nagenoeg toe te zijn aan de voltooiing en presentatie van een nieuw plan voor een Israëlisch-Palestijnse vrede. Ook al is het nog onzeker of en wanneer dit plan zal worden vrijgegeven, het is essentieel dat Europa waakzaam is en strategisch te werk gaat.

Wij vinden dat Europa zich achter een plan moet scharen dat uitgaat van de grondbeginselen van het internationale recht zoals deze tot uiting komen in de Europese richtlijnen voor een oplossing van het Israëlisch-Palestijnse conflict. Deze uitgangspunten, die in eerdere door de VS gesteunde besprekingen stelselmatig door de EU zijn bevestigd, weerspiegelen onze gedeelde opvatting dat een levensvatbare vrede vereist dat er een Palestijnse staat naast Israël wordt opgericht – met grenzen op basis van de situatie voor 1967, met een onderling overeengekomen, minimale en gelijkwaardige landruil, met Jeruzalem als hoofdstad van beide staten, met veiligheidsregelingen die rekening houden met legitieme zorgen en die de soevereiniteit van beide partijen respecteren, en waarin een eerlijke oplossing wordt overeengekomen voor het vraagstuk van de Palestijnse vluchtelingen.

Economische levensvatbaarheid

Europa dient elk plan af te wijzen dat niet aan deze norm voldoet. Wij delen weliswaar de teleurstelling van Washington over de mislukte vredespogingen uit het verleden, maar we zijn er ook van overtuigd dat een plan waarin de Palestijnse staat wordt gereduceerd tot een entiteit zonder soevereiniteit, territoriale eenheid en economische levensvatbaarheid, het failliet van eerdere vredespogingen alleen maar zou versterken. Dat zou ook het einde van de tweestatenoplossing bespoedigen en een duurzame vrede tussen Palestijnen en Israëliërs voorgoed onmogelijk maken.

Het verdient natuurlijk de voorkeur dat Europa met de VS samenwerkt om het Israëlisch-Palestijnse conflict op te lossen, en dat het ook andere wereldproblemen in een sterke trans-Atlantische alliantie tegemoet treedt. Maar in situaties waarin onze wezenlijke belangen en fundamentele waarden op het spel staan, moet Europa zijn eigen gedragslijn volgen.


Lees ook: Europa en Nederland zijn in Gaza aan zet

In afwachting van het Amerikaanse plan vinden wij dat Europa eens te meer formeel de internationaal overeengekomen lijnen voor een tweestatenoplossing moet bevestigen. Als de EU dit doet voordat het Amerikaanse plan er is, bepaalt ze alvast haar criteria voor steun aan de Amerikaanse inspanningen en biedt ze Europa de mogelijkheid tot een samenhangende en uniforme reactie zodra het plan wordt gepubliceerd.

Daarnaast dienen de Europese regeringen zich harder in te zetten om de levensvatbaarheid van een toekomstige tweestatenoplossing te beschermen. Het is van het grootste belang dat de EU en alle lidstaten zich actief inzetten voor de uitvoering van de relevante resoluties van de Veiligheidsraad van de VN en hierbij consequent onderscheid maken – conform Resolutie 2334 van de Veiligheidsraad – tussen Israël binnen zijn erkende en wettige grenzen en de onwettige nederzettingen in de bezette gebieden.

De laatste tijd zijn er steeds meer pogingen het werk van maatschappelijke organisaties te belemmeren. Daardoor is het belangrijker dan ooit dat Europa steun biedt aan de verdedigers van de mensenrechten in zowel Israël als Palestina, en aan hun essentiële rol om tot een duurzame vrede te komen.

Israël en de bezette Palestijnse gebieden glijden af naar een realiteit van één staat met ongelijke rechten. Dit mag zo niet doorgaan. Niet voor de Israëliërs, niet voor de Palestijnen en niet voor ons in Europa.

Op dit moment heeft Europa een beslissende gelegenheid tot versterking van onze gedeelde beginselen en langdurige betrokkenheid bij het vredesproces in het Midden-Oosten, en kan het daarmee uiting geven aan Europa’s unieke rol als ijkpunt voor een op regels gebaseerde wereldorde. Als we deze gelegenheid niet aangrijpen, op een moment dat deze orde ongekend op de proef wordt gesteld, dan zal dit verstrekkende negatieve gevolgen hebben.

De brief is ondertekend door Mary Robinson, oud-president en Hoge Commissaris voor de mensenrechten van de VN (Ierland); Robert Serry, voormalig speciaal VN-coördinator voor het vredesproces in het Midden-Oosten (Nederland); Javier Solana, oud-secretaris-generaal van de NAVO en hoge vertegenwoordiger van de EU voor het buitenland (Spanje), Marc Otte, oud-EU-gezant bij het vredesproces in het Midden-Oosten (België); door de voormalige (vice-)premiers en oud-ministers van Buitenlandse zaken Jean Marc Ayrault (Frankrijk), Carl Bildt en Lena Hjelm-Wallén (Zweden), Wlodzimierz Cimoszewicz (Polen), Massimo d’Alema (Italië), Vesna Pusić (Kroatië), Sigmar Gabriel (Duitsland); door de oud-ministers en voormalige Europees Commissarissen Dacian Cioloș (Roemenië); Karel de Gught, Willy Claes en Louis Michel (België), Benita Ferrero-Waldner en Michael Spindelegger (Oostenrijk), Franco Frattini (Italië); oud-premier Guy Verhofstadt (België); en door de oud-ministers en onderministers van Buitenlandse Zaken Erkki Tuomioja (Finland), Ivo Vajgl (Slovenië), Frank Vandenbroucke (België), Jozias van Aartsen, (Nederland), Hubert Vedrine (Frankrijk), Lubomír Zaorálek (Tsjechische Republiek), Eduard Kukan (Slowakije), Uffe Ellemann-Jensen, Martin Lidegaard, Per Stig Møller, Mogens Lykketoft en Holger K. Nielsen (Denemarken), David Miliband, Douglas Alexander, Desmond Swayne en Jack Straw (Verenigd Koninkrijk), Ana Palacio (Spanje), Jacques Poos (Luxemburg)

Source link