Harpist Anneleen Lenaerts: componist Nino Rota schildert op de stilte

Harpist Anneleen Lenaerts: componist Nino Rota schildert op de stilte
https://images.nrc.nl/JilLliXikALic9VKC3xMdMhAo9I=/1200×627/smart/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/bvhw/files/2019/04/data42794272-ec4811.jpg

Filmer Federico Fellini beschreef componist Nino Rota als een kind van de verbeelding, iemand voor wie zich deuren naar geheime kamers openden. Hij hoefde nooit de scènes of personages te zien om ze muzikaal tot leven te kunnen wekken. Zijn benadering leek uit hemelse sferen te komen, ontsproten aan een intuïtieve onschuld, vond Fellini. „Rota bewoonde een innerlijke wereld, waar onze alledaagse werkelijkheid geen toegang kreeg.”

Die karakterschets herkent de Belgische harpiste Anneleen Lenaerts (32) in het concertrepertoire dat de Italiaan voor haar instrument schreef. „Rota kan met één pure melodie zo veel gevoelens oproepen”, zegt ze. „Zijn muziek doet me aan Mozart denken: hun vermenging van het lichtvoetige en melancholische, hun spontaniteit, hun humor, de onverwachte afslagen en de eenvoud van alles die gemakkelijk klinkt, maar altijd breekbaar blijkt.”

Eind vorige maand bracht Lenaerts een Rota-album uit, met diens Harpconcert (1947), twee solostukken (1945), een sonate met fluit (1937) en bewerkingen van zijn beroemde filmmuziek voor onder meer Francis Ford Coppola’s The Godfather, Fellini’s La Dolce Vita en Franco Zeffirelli’s Romeo and Juliet.

Evenals velen voor haar lukt het Lenaerts niet het enigma Rota te ontrafelen. „De harpstukken wekken bij mij de indruk dat hij het instrument beheerste of raad kreeg van een virtuoos, maar hierover vond ik niets in zijn biografie. De inspiratiebron blijft mistig. Wat bracht hem ertoe die muziek te scheppen? We weten het niet. Kennelijk boeiden de kleuren en sferen van de harp hem.”

Het Mozart-principe

Wonderkind Rota (1911) schreef op zijn elfde een oratorium over Johannes de Doper, een werk dat nog hetzelfde jaar zijn weg naar het podium vond en grote bewondering oogstte. Zijn moeder was concertpianiste en op muziekavonden thuis in Milaan kon de jongen zich laven aan ontmoetingen met componisten Puccini, Stravinsky en Ravel. Aan het einde van zijn tienerjaren studeerde hij twee jaar in de Verenigde Staten. Daar trof de muziek van Gershwin hem als openbaring en ontwikkelde Rota zijn fascinatie voor film.

Na de oorlog raakte zijn loopbaan op een dood spoor. Plots werd zijn spontane stijl schamper ouderwets genoemd. Het Mozart-principe dat muziek het oor hoort te behagen, kon niet langer op bijval rekenen bij modernisten. Het intellectualisme greep de macht en walste over de intuïtieve Rota heen. Zijn verbeeldingskracht zocht een nieuwe onderkomen in de filmwereld, die hij zou verrijken met zo’n 150 soundtracks.

„Rota gaf een stem aan het menselijke gemoed en zijn tegenstrijdige gevoelens”, zegt Lenaerts. „Door de humor heen schemert de melancholie en andersom, het nostalgische mengt zich met een kinderlijk optimisme. Alle stemmingen, tinten en emoties uit zijn filmmuziek herkennen we in deze harpstukken. Dirigent Leopold Stokowski zei eens dat ‘de stilte het doek is waarop de componist zijn beelden schildert’. Dat geldt zeker voor Rota.”

Schrapende nagels

Ook Lenaerts kan op haar harp toveren met muzikale kleuren. Deze vaardigheid ontwikkelde ze onder meer in negen jaar Wiener Philharmoniker, een loopbaan die voor iedere musicus van het beroemde orkest begint in de Staatsoper. Daar worden de krachten van nieuwelingen danig op de proef gesteld. „Mijn eerste seizoen speelde ik mee in 45 opera’s. Zonder repetities. Ik zat thuis verdiept in de partituren. Je eigen noten leren is niet het probleem, maar hoe krijg je de timing goed? Dat vraagt om een bredere blik: ik moet weten wat anderen doen. Opnamen leerden me waar ik naar moest luisteren. Dat bood trouwens geen garanties. Soms besloot ik me te richten op de zanglijn van de sopraan, bleken er op zo’n avond vier hoorns voor mijn neus te blazen, zodat haar stem helemaal niet hoorbaar was.”

De harde leerschool van de Staatsoper bracht Lenaerts een grondig begrip bij van alle mogelijke stijlen, later nog uitgebreid met symfonische werken in de Wiener Philharmoniker. „De harp kwam tot wasdom in het Frankrijk van de impressionisten, die een voorliefde koesterden voor zachte, dromerige tinten. Maar Mahler kan het instrument ook als mes door de ziel laten snijden, met langs de snaren schrapende nagels. Klassieke componisten schreven weinig soloconcerten voor harp, niettemin verkennen ze in opera en symfonie alle karaktertrekken ervan.”

Een harpist hoeft in haar ogen niet met die oude tradities te breken om muzikaal te kunnen groeien. „Het is mooi te zien hoe generatiegenoten het spectrum van het instrument verbreden. Maar in zijn klassieke gedaante bezit het voor mij nog genoeg levenskracht. Grootheden als Bach, Mozart, Haydn en Beethoven waren al dood, toen onze moderne harp ten tonele verscheen. Het zou zonde zijn hun stukken niet te bewerken, want het vertolken ervan maakt ons tot betere musici en verdiept ons inzicht. De klassieke taal biedt nieuwe wegen. Dat bewijst de muziek van Nino Rota, en die van de Fin Kalevi Aho, met wie ik veel doe. Hij geeft de harp weer een volstrekt andere stem.”

Nino Rota: Works for Harp is verschenen bij Warner Classics

Source link