‘Maak burgemeester geen sheriff’ – NRC

‘Maak burgemeester geen sheriff’ – NRC
https://images.nrc.nl/iwXqHl1Q6BI-GMmD33fn4uirtMk=/1200×627/smart/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data43229434-5cab2a.jpg

Burgemeesters moeten niet méér bevoegdheden krijgen om ondermijnende criminaliteit aan te pakken. Het lokaal gezag kan al voldoende om criminaliteit te bestrijden, uitbreiding zou haar mogelijk te machtig maken vergeleken met het Openbaar Ministerie (OM) en de politie. Ook is meer gegevensuitwisseling tussen gemeenten geen oplossing om zulke criminaliteit te bestrijden.

Dat adviseert de Raad van State aan de ministers Ferdinand Grapperhaus (Justitie, CDA) en Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) en de Regioburgemeesters. Dit samenwerkingsverband van burgemeesters schreef op eigen initiatief een proeve van wetgeving (een aanzet tot wetswijziging) waarin burgemeesters wettelijk worden belast met het „voorkomen” van criminaliteit. Op dit moment is hun taak nog beperkt tot het „bestrijden” van criminaliteit, samen met politie en justitie. De proeve zou dus een verruiming van de bevoegdheden van het lokaal gezag betekenen. Ook Grapperhaus wil dat burgemeesters meer kunnen doen om criminaliteit aan te pakken, bijvoorbeeld door woningen te sluiten.

Maar een burgemeester als „crimefighter” past niet in het Nederlandse staatsbestel, aldus de Raad. De afgelopen jaren hebben burgemeesters zich wel steeds meer als zo’n sheriff opgesteld; het zou nodig zijn om lokale ondermijnende (drugs)criminaliteit aan te pakken. Gevolg daarvan was onder meer dat burgemeesters, als zichtbare misdaadbestrijders, zelf doelwit werden van criminelen. Zo zit de Haarlemse burgemeester Jos Wienen (CDA) al sinds eind vorig jaar ondergedoken vanwege bedreigingen.

Burgemeesters dreigen té machtig te worden, mogelijk zelfs machtiger dan politie en justitie. Dat kan samenwerking met die diensten juist moeilijker maken, denkt de Raad. Belangen kunnen botsen, bijvoorbeeld als het OM in het kader van lopend onderzoek een drugspand open wil houden, terwijl de burgemeester het vanwege de openbare orde wil sluiten. Wettelijk vastleggen dat de burgemeester criminaliteit moet voorkomen en bestrijden kan volgens de Raad van State daarom leiden tot verwachtingen „die de burgemeester in de praktijk vermoedelijk niet kan waarmaken”.


Lees ook:De burgemeester: van lintjesknipper tot misdaadbestrijder

Burgemeesters willen daarnaast meer wettelijke mogelijkheden om tussen gemeenten gegevens te delen. Recent zei de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb al dat privacywetgeving criminaliteitsbestrijding in de weg staat: het zou criminelen „vrij spel geven”. Grapperhaus kondigde daarop een wetswijzing aan die gegevensdeling tussen gemeenten eenvoudiger moet maken.

Volgens de Raad van State is niet aangetoond dat gemeenten meer wettelijke ruimte moeten krijgen om gegevens met elkaar te delen. Dat er wettelijke beperkingen zijn, erkent de Raad. Maar dat is nog niet voldoende om tegen bestaande privacywetten, zoals de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG), in te gaan. De aanpak van criminaliteit mag niet ten koste gaan van die wetten, die de privacy van burgers beschermen tegen misbruik door de overheid. Dat vindt de Raad óók omdat niet bewezen is dat meer gegevensuitwisseling ook tot meer criminaliteitsbestrijding leidt: het is geen „panacee”, aldus de Raad van State.

Burgemeesters kunnen nu al veel om criminaliteit in hun gemeente te voorkomen en bestrijden, somt de Raad op. Zo kunnen ze besluiten camera’s op te hangen, gebieds- en huisverboden aan individuen opleggen, gebieden aanwijzen waar preventief gefouilleerd mag worden en panden sluiten als daar bijvoorbeeld drugs verhandeld wordt. Recent is bovendien een wet van Grapperhaus aangenomen die burgemeesters de bevoegdheid geeft panden waar drugs geproduceerd wordt te sluiten.

Source link