PSV oogt verlamd in jacht op doelpunten

PSV oogt verlamd in jacht op doelpunten
https://images.nrc.nl/BQgE2SxU0IdEJUAJ-A8n7rOK7tk=/1200×627/smart/filters:no_upscale()/s3/static.nrc.nl/images/gn4/stripped/data43694057-0a5d23.jpg

Het had De Graafschap-coach Henk de Jong geraakt, zei hij met gevoel voor overdrijving. „Al die verhalen” die hij had gelezen over de vergelijking tussen zijn club en het nationale team van San Marino. PSV-coach Mark van Bommel had vrijdag herinnerd aan een 11-0 zege van het Nederlands elftal op de dwergstaat in 2011, toen hij zelf nog speelde. Hij voegde er direct aan toe dat De Graafschap geen San Marino is.

Het mediaframe, zonder dat Van Bommel dat zo had bedoeld, pakte vervolgens ongeveer zo uit: PSV dacht De Graafschap wel even ruim te verslaan, waardoor de titelverdediger qua doelsaldo kon inlopen op Ajax. Noodzakelijk voor de titelrace, waarin dat doelsaldo doorslaggevend is in het geval van een gelijk puntenaantal.

Het tegenovergestelde gebeurde dit weekend. Ajax liep op doelsaldo verder uit door een 6-2 zege op Excelsior, PSV bleef ondanks een dozijn kansen slechts op 2-1 steken tegen De Graafschap. Ajax en PSV gaan samen aan kop, het doelsaldo is twaalf goals in het voordeel van Ajax, met nog vier speelronden te gaan.

De Jong, niet vies van een staaltje amateurpsychologie, gebruikte de San Marino-uitspraak in zijn wedstrijdbespreking om zijn ploeg te prikkelen. Zondagmiddag in het Philips-stadion beeldt hij met zijn handen een wandbord uit: „Ik heb de tekst zo groot opgehangen in de kleedkamer.”

Teksten als rode lap

Een ogenschijnlijk onschuldig citaat kreeg zo zijn eigen dynamiek – Van Bommel-teksten als rode lap. „Wij hebben nooit over doelsaldo gesproken. Daar is in de media over gesproken”, zegt Van Bommel, geïrriteerd. „Wat erover geschreven wordt, kan ik niet veranderen, ik ben geen journalist.”

Zo gijzelde de doelsaldodiscussie – opgepookt in de media – de titelstrijd dit weekend. De tekst in de kleedkamer gaf De Graafschap „meer motivatie”, zegt middenvelder Youssef El Jebli. „We zijn geen amateurclub. Natuurlijk, we hebben met 8-0 van Ajax verloren, maar toen zat alles tegen. Nu verkopen we onze huid duur.”

In de beginjaren van het betaald voetbal in Nederland werd er bij een gelijk puntenaantal een beslissingswedstrijd gespeeld om het kampioenschap – met legendarische duels in 1958 (DOS-SC Enschede 1-0) en 1960 (Ajax-Feyenoord 5-1). Maar sinds het seizoen 1970-1971 is het doelsaldo doorslaggevend.

Matthijs Snepvangers, journalist en kenner van voetbalhistorie, stuurt krantenartikelen toe uit mei 1969. Daarin wordt het besluit, genomen tijdens de algemene vergadering van de ‘semiprof-sectie’ in Zeist, toegelicht. Sindsdien zijn twee clubs twee keer gelijk geëindigd in de eredivisie, in 1991 en 2007. In beide gevallen ging het tussen Ajax en PSV, beide keren won PSV de titel.

Er is gekozen voor het doelsaldo als beslissende factor omdat het iets zegt over de kracht van een team over de „gehele competitie”, mailt een KNVB-woordvoerder. En een beter doelsaldo „kan ook indirect een beeld van aanvallender voetbal weergeven”.

In Engeland, Duitsland en Frankrijk geeft het doelsaldo eveneens uitsluitsel bij een gelijk puntenaantal, in Italië en Spanje is het onderling resultaat in dat geval leidend.

Je weet dat een beter doelsaldo „een punt extra is” op de ranglijst, zegt oud-coach Leo Beenhakker. „Je kan erover lullen [over doelpunten], maar dat is moeilijk te vertalen naar het veld”, zegt Beenhakker, in 1991 coach van Ajax, dat op twee doelpunten de titel misliep.

Beenhakker: „Je kan niet van tevoren zeggen: heren, ik verplicht je om vijf goals te maken. Je kan alleen maar vol gas geven en doen wat je normaal moet doen.”

Ballen in niemandsland

PSV oogt zondag tegen De Graafschap een helft lang verlamd door de doelpuntenjacht die geopend had moeten worden. Tempo en creativiteit ontbreken, ballen eindigen in niemandsland. Van Bommel, al wekenlang aan het schuiven met zijn middenveld, begint zeer behoudend tegen de degradatiekandidaat: twee controleurs (Michal Sadilek en Pablo Rosario), gecomplementeerd door het 17-jarige toptalent Mohammed Ihattaren. Het is te voorzichtig, meewegende dat deze drie goed zijn voor slechts één goal en één assist dit seizoen.

Een 1-0 achterstand. Fluitconcerten klinken, het publiek blijft in de rust ‘PSV wakker worden’ zingen. „Superslecht”, noemt PSV-verdediger Nick Viergever het optreden. „Op een gegeven moment komt er dan een beetje angst in de ploeg.” Twee weken nadat de ploeg bij Ajax, met een man meer, nog een voorsprong van acht punten binnen handbereik had.

Maar nu moet het in de achtervolging, op zoek naar goals. Mooi om te zien: back Denzel Dumfries die in een rechte streep terugsprint naar de eigen helft, na de 2-1. Doelpuntenkoorts, al wil het niet loskomen.

Ging het niet te veel over doelpunten de afgelopen dagen bij PSV? „Bij jullie, bij jullie ging het er veel over ja”, knikt Viergever richting enkele journalisten. „We hebben eerst gezegd: winnen staat voorop. En dan is dit wel een wedstrijd om veel goals te maken. Dat bleek ook uit de kansen. Als je daarvan de helft maakt, dan scoor je er nog zeven of acht.”

Je leest de spanning en onrust af aan het spel van PSV – 28 duels lang de prooi, nu de jager. „Als we gewoon ons eigen ding doen, vast zijn aan de bal, positiespel spelen, dan kan je veel goals maken”, zegt Viergever.

Twaalf goals die nog goed moeten worden gemaakt ten opzichte van Ajax, in vier duels – dat lijkt onmogelijk. Viergever: „Dat doelsaldo moeten we links laten liggen”. PSV moet hopen op een misstap van Ajax.

Beenhakker denkt terug aan de anticlimax van 1991 met Ajax. Toen hij thuiskwam, zat hij „een paar uur dom voor zich uit te kijken”, zegt hij. „En dan ga je de volgende dag weer verder. Zo gaat dat, en zo hoort het ook, verdomme.”

Source link