Wat hebben Fatah en Aziz in Syrië gedaan?

Wat hebben Fatah en Aziz in Syrië gedaan?

Extremisten die zich in Europa voordoen als oorlogsvluchteling: justitie is er sinds het op gang komen van de migratie uit Syrië beducht voor. Mogelijk zijn ze ‘sleeper cells’, gestuurd om aanslagen te plegen. Ook om recht te doen aan hun slachtoffers in Syrië wil justitie deze mensen vervolgen. Het is voor echte vluchtelingen onverteerbaar dat landgenoten met bloed aan hun handen in Europa aanspraak maken op hulp en bescherming.

Maar hoe herken je de oorlogsmisdadiger tussen tienduizenden echte vluchtelingen? En hoe bewijs je in Nederland wat zich zes jaar geleden afspeelde in de chaos van de oorlog in Syrië?

Op het oog zijn de broers Al H. niet te onderscheiden van andere Syrische vluchtelingen. In Bergeijk betrekt Fatah met zijn gezin een eenvoudige rijtjeswoning, worstelt met de taal en moet accepteren dat niet alleen hij, maar ook zijn vrouw buitenshuis vrijwilligerswerk moet doen. Gold zijn broer Aziz in Syrië als diepgelovig, hier gaat hij naar muziekfestivals en werkt in een café.

Op de ochtend van 3 december 2018 wordt Fatah op het woonerf in Bergeijk gearresteerd als hij zijn auto wil starten. Zijn broer zit dan al maanden vast. Beiden worden verdacht van deelname aan een terroristische organisatie. In februari van dit jaar wordt de zaak voor het eerst behandeld in een voorbereidende zitting bij de rechtbank in Rotterdam. Daar wordt duidelijk dat de Nederlandse autoriteiten Fatah (inmiddels 42) en Aziz (33) al jaren in het vizier hebben.

Het is pas de tweede keer dat het Openbaar Ministerie (OM) Syrische vluchtelingen vervolgt voor misdrijven in hun land van herkomst. Eind 2018 zijn twee andere Syrische asielzoekers tot jarenlange gevangenisstraffen veroordeeld vanwege hun deelname aan het Nusra Front. In die zaak is er rechtstreeks bewijs: foto’s waarop de verdachten bij een checkpoint staan.

In de zaak tegen de broers Al H. moet het OM het vooralsnog hebben van afgeluisterde gesprekken van de verdachten zelf, blijkt in de Rotterdamse rechtbank. Daarin geven ze hoog op van hun contacten met hooggeplaatste figuren binnen Nusra en IS. In één afgetapt gesprek vraagt Fatah zich af hoe ‘ze’ wisten dat hij en Aziz bij het Nusra Front zaten. In een andere opname zegt Aziz: ‘Ik heb gezworen niet meer te slachten, geen vrouw, geen man en niemand.’ De kwaliteit van de geluidsopnamen is slecht, de vertaling gaat moeizaam. Ooggetuigen? Die lijken er niet te zijn.

Opmerkelijk is dat het OM weigert onderzoek te doen op de plek waar alles zich afspeelde: Syrië. Moet dat niet gebeuren, suggereert Fatah’s advocaat. ‘Onmogelijk’, stelt de officier van justitie.

Een onderzoeksteam naar Syrië sturen, geldt niet alleen als gevaarlijk, maar ligt ook politiek gevoelig. Den Haag wil geen ‘rechtshulprelatie’ met de Koerdische autoriteiten die na de val van IS de dienst uitmaken in Noord-Syrië. Dit kan gevolgen hebben voor een ander hoofdpijndossier: de veertig Nederlandse IS’ers die nu nog in Syrië vastzitten, kunnen dan mogelijk terug naar huis. Contact leggen met de Syrische president Assad is taboe vanwege zorgen over mensenrechten.

Nederlandse politierechercheurs kloppen voorlopig dus niet aan bij het familiehuis in Tabqa, waar Fatah en Aziz met hun zes broers en een zus opgroeiden en in april 2013 samen afscheid namen voordat ze koers zetten naar de Turkse grens. Ze zullen ook geen bezoek brengen aan de dam bij Mansoura, waar het meer dan levensgrote IS-logo op het damgebouw nog steeds zichtbaar is.

Wat tref je aan als je in tegenstelling tot het OM wel in Syrië op zoek gaat naar het verleden van de broers Al H.?

Source link